Ga naar home van Uitgeverij Jan van Arkel Ga naar home van Uitgeverij Jan van Arkel im/ib
 
 

 

voorwoorden door Hans Opschoor en Peter Tom Jones e.a.

978 90 6224 494 2

gebonden

260 pagina's

14,95

1-4-2011

 

Tim Jackson : Welvaart zonder groei

Economie voor een eindige planeet

 

Inhoud

In ons najagen van het goede leven vandaag tasten we het fundament van ons welzijn morgen aan. Steeds nieuwe materiële consumptie is een voorwaarde geworden om ons maatschappelijk te ontplooien. We worden er echter niet gelukkiger van. We verliezen ieder perspectief op een blijvende en gedeelde welvaart. Professor Tim Jackson stelt de noodzaak van economische groei ter discussie én wat het betekent welvarend te zijn. Hij biedt ons alternatieven om vol aan het leven deel te nemen zonder een beroep te hoeven doen op een onhoudbare accumulatie van materiële dingen. Hij biedt ons een perspectief op een transitie naar een ecologisch geletterde macro-economie, een verzoening van een goed leven met een eindige planeet.

welvaartzondergroei

Recensies

In Welvaart zonder Groei stelt Tim Jackson de noodzaak van economische groei ter discussie én wat het betekent welvarend te zijn. Jackson zoekt uitdrukkelijk naar de zwakke plekken in de bestaande macro-economie, als even zovele aanknopingspunten voor fundamentele en blijvende verandering.

door Theo Ruyter

Terwijl de praatjesmakers op het Binnenhof en in de media het afgelopen decennium volkomen verstrikt raakten in de waan van de dag en navelstaren een nationale passie werd, heeft men in andere landen niet stil gezeten en de blik zodanig verruimd dat ook wij ervan kunnen profiteren. Zo is onlangs, op instigatie van een Belgische denktank (Oikos), de vertaling in het Nederlands verschenen van Prosperity without Growth van Tim Jackson.

Jackson is onder meer directeur van de universitaire onderzoeksgroep Resolve en was een drijvende kracht achter het werkprogramma over welvaart van de Britse staatscommissie voor duurzame ontwikkeling, dat in 2007 werd gelanceerd en inmiddels een schat aan materiaal heeft opgeleverd. Jacksons boek is dan ook grotendeels op dat materiaal gebaseerd. Welvaart en groei

Hij begint met een analyse van de kernbegrippen welvaart en groei. Jackson valt met de deur in huis - het eerste hoofdstuk heet niet voor niets 'De verloren welvaart' – door onze welvaart te bestempelen als 'het grootste dilemma van onze tijd: het verzoenen van onze zucht naar een goed leven met de beperkingen van een eindige planeet' (p. 18).

Vervolgens zet hij twee taboes tegenover elkaar: voor de gevestigde orde van de economen het idee van welvaart zonder groei en voor de ecoloog het idee van een voortdurend doorgroeiende economie. Om dan het hoofdstuk te beëindigen met de vaststelling dat de mythe van de groei ons heeft bedrogen en met de definitie van welvaart als 'ons vermogen om ons als mens te kunnen ontplooien'.

Wie mocht denken dat het hier gaat om een superacademisch verhaal op een veel te hoog abstractieniveau krijgt in het tweede hoofdstuk meteen antwoord met een down-to-earth intermezzo over de huidige crisis en de typering dat van het begin af aan groei ten koste van alles de enige zaak is waarover niet kon en kan worden onderhandeld (p. 34). Met de kanttekening dat de moderne economie bij uitstek gegrondvest is in het 'groeigebod' en dat de liberalisering van de financiële sector daar een logisch gevolg van is geweest.

In Jacksons analyse staat de stelling centraal dat welvaart opnieuw gedefinieerd zou moeten worden. Met name de sociale en de psychologische dimensie verdienen meer aandacht, als we willen loskomen van de gangbare vernauwing van welvaart tot een bepaald niveau van materiële consumptie. Wat dat betreft valt Jackson terug op Amartya Sen, die in zijn beroemde The living standard (1984) onderscheid maakte tussen overvloed, nut en ontplooiingsmogelijkheden.

Dit laatste begrip komt in de analyse en de rest van het boek telkens weer terug, maar dan niet zo zeer met de nadruk op vrijheid (the sky is the limit) als wel op de reëel bestaande beperkingen, waaronder in het bijzonder het eindige karakter van de ecologische hulpbronnen en de omvang van de wereldbevolking. Ontkoppeling

Jackson rekent grondig af met wat in economenjargon ontkoppeling wordt genoemd, althans voor zover daarvan wordt gedacht dat ze vanzelf ecologische doelen haalbaar maakt. Ontkoppeling slaat op de aanpassing van productieprocessen met het uitdrukkelijke doel de grondstoffendruk te verminderen. In algemene zin is en blijft dat nodig, maar Jackson legt haarfijn uit hoe men zich voor de gek houdt door daar wonderen van te verwachten. Een kwestie van goed rekenen, laat hij zien (pp. 83-88). Hiermee zet hij, indirect, ook het idee op losse schroeven dat de techniek ons wel zal redden.

Wanneer de auteur het over onze consumptiemaatschappij heeft, haalt hij alles uit de kast. De kritiek en creativiteit van bijna een halve eeuw activisme, van provo's en flower power tot anti-globalisten en downshifters, komen weer tot leven. Alsof de wetenschap al die mensen, na lang wikken en wegen, alsnog wil bevestigen in hun gelijk en wil voorzien van nieuwe munitie. Wie weinig tijd heeft of opziet tegen taaie kost, doet er dan ook goed aan te beginnen met hoofdstuk zes (De 'ijzeren kooi' van het consumentisme), met de informatieve noten die daarbij horen.

Maar de wetenschap zou geen wetenschap zijn, als ze zou blijven stilstaan bij alles wat activisten en andere voorlopers tot nu toe hebben losgemaakt. Ondanks zijn waardering voor mensen die als individu of in groepsverband tegen de stroom in roeien, is Jackson zich maar al te bewust van het marginale en vaak tijdelijke karakter van hun inspanningen.

Hij mikt daarom vooral op de structurele veranderingen, die op grote schaal een uitweg bieden uit het eerder geschetste dilemma. Zo hanteert hij bijvoorbeeld het woord Assepoestereconomie, als de aanduiding van sociale of ecologische ondernemingen die mensen persoonlijke voldoening schenken, maar die in het grotere geheel niet of nauwelijks meetellen. Zwakke plekken

Jackson zoekt uitdrukkelijk naar de zwakke plekken in de bestaande macro-economie, als even zovele aanknopingspunten voor fundamentele en blijvende verandering. Een voorbeeld hiervan is wat hij het arbeidsproductiviteitfetisjisme noemt, dat wil zeggen de wijd verbreide en zeer invloedrijke gedachte dat de inzet van arbeid altijd en overal geminimaliseerd moet worden.

Dergelijke gedachten, die vaak gebaseerd zijn op vooroordelen en veronderstellingen, moeten volgens hem worden herzien om de weg vrij te maken voor een nieuwe macro-economie. In een aparte bijlage schetst hij zelfs een simulatiemodel, waarmee je de relatie tussen economie en de eisen van duurzaamheid zou moeten kunnen testen. (Een hapklare brok voor de fijnproever.)

Het hele tweede deel van het boek gaat over bestaand en wenselijk of noodzakelijk beleid. Zo komt de Green New Deal aan bod, waarmee sinds het begin van de crisis op internationaal niveau nogal wordt geschermd. Typerend voor Jacksons benadering is in dit geval dat hij het concept wikt en weegt en bladzijden lang zoekt naar de goede kanten, om tenslotte toch de conclusie te trekken dat hij het uitgangspunt, terugkeer naar een toestand van groeiende consumptie, niet kan delen.

Beleid betekent voor de auteur overigens niet alleen economisch beleid. Dat blijkt bijvoorbeeld in hoofdstuk 9 over zelfontplooiing, waar hij 'sociale recessie' aan de orde stelt. Verschijnselen die onder die vlag zijn onderzocht, zoals de uitholling van de geografische gemeenschap, wijzen erop dat mensen zich door groei niet beter gaan ontplooien (p.145 e.v.). Deze lijn wordt doorgetrokken in het volgende hoofdstuk over welvaartsbeleid. Zoals het in het begin van de crisis vrijwel onomstreden was dat de overheid moest ingrijpen om de financiële sector te redden.

Zo staat voor Jackson als een paal boven water dat de overheid de beslissingen moet nemen, wanneer de vraag zich aandient hoe je het consumentisme kunt en moet aanpakken. De auteur citeert in dit verband instemmend de uitspraak van evolutiebioloog Dawkins dat 'duurzaamheid er bij ons gewoonweg van nature niet in zit' (p.163).

Tegelijkertijd realiseert hij zich dat de overheid zelf gevangen zit in het dilemma van de groei. Vandaar bijvoorbeeld de 'perverse stimuli' (p.161) die ze afgeeft ten gunste van het materialistisch individualisme. Des te meer dringt zich de noodzaak op van een nieuwe macro-economie, waarin de stabiliteit van de economie niet langer afhankelijk wordt gemaakt van groei van de consumptie. Aanbevelingen

In de laatste twee hoofdstukken – 'De transitie naar een duurzame economie' en 'Een blijvende welvaart' - komt Jackson met een groot aantal, vaak uiteenlopende, aanbevelingen. In het algemeen hebben die betrekking op ofwel het vaststellen van de grenzen (bijvoorbeeld grondstoffen- en emissieplafonds en fiscale hervorming) ofwel aanpassing van het economisch model (bijvoorbeeld vorm geven aan een ecologische macro-economie en investeren in werkgelegenheid, activa en infrastructuur) ofwel verandering van de 'sociale logica' (bijvoorbeeld arbeidstijdverkorting en - verdeling en de versterking van het sociaal kapitaal).

Jacksons perspectief van een blijvende welvaart is enerzijds gebaseerd op de overtuiging dat 'de strategie van zelfmisleiding zijn grenzen heeft bereikt' (p. 185), anderzijds en op het inzicht dat we als mensen onze sociale wereld scheppen en herscheppen (p. 186) en dus ook in staat zijn de welvaart opnieuw van de grond af aan op te bouwen.

Een sterke kant van het boek is dat het de economie als wetenschap opnieuw integreert in de samenleving, op gelijke voet en in samenspel met andere wetenschappen waaronder met name de filosofie, psychologie en sociologie. Heel wat economen zijn nog niet zo ver, maar Jackson laat duidelijk zien dat de crisis van deze tijd vele gezichten heeft en dat de geijkte 'economische' oplossingen geen soelaas meer bieden, zeker niet op de langere termijn.

Opvallend is wel de relatief zwakke component van de politiek in het boek. Een beroep op 'sterk leiderschap'(p. 168) of 'omslag in de politieke wil' (p. 183) is veel te gemakkelijk. Een nieuw sociaal contract tussen burgers en overheid (p. 169) klinkt al wat beter, maar veel verder komt de auteur niet en dat vermindert de kans dat het boek ook aanslaat in de kring van al die politici die met de handen in het haar zitten en een elektroshock best kunnen gebruiken. Nederland

Eigenlijk is het jammer dat de Nederlandse uitgever geen hoofdstuk heeft toegevoegd, waarin de inzichten van Jackson op ons land worden toegepast. Nederland, met zijn politieke leiders die zich het afgelopen jaar maanden lang met de grootste oogkleppen voor hebben gewijd aan de jacht op de macht, met een rattenvanger die zijn kleuterklasje niet eens in het gareel krijgt maar er wel met de buit vandoor gaat en een duurzaamheidskampioen die als de eerste de beste brugklasser hakkelt op tv na de vraag waaraan hij die eretitel te danken heeft…

Als je je dit eenmaal realiseert dan krijg je toch sterk de indruk dat we het stadium van hier en daar een windmolenpark, vrolijk de wereld rondvliegen en bomen planten of wat minder vlees op ons bord nog lang niet zijn ontgroeid. Voorlopig blijven we een land van blinden, behalve wanneer we als slimme handelaar ergens wat kunnen verdienen. Wat was onze bijnaam ook al weer?

Blurb

‘Tim Jackson beschrijft op unieke wijze hoe de huidige structuren van productie en consumptie een maatschappij hebben gecreëerd die verslaafd is aan onduurzame groei, en waarin tegelijk de kwaliteit van leven niet of nauwelijks meer toeneemt. Jackson biedt ook diep doordachte en inspirerende perspectieven hoe deze 'lock in' kan worden doorbroken. Een absoluut meesterwerk dat thuis hoort in het rijtje klassiekers als Limits to Growth van Donella en Dennis Meadows en Steady state economics van Herman Daly.Arnold Tukker, TNO en bijzonder hoogleraar Duurzaam Innoveren aan de Norwegian University of Science and Technology (NTNU) in Trondheim

‘Kan het anders? Kunnen we de economie anders denken? Is het denkbaar dat de obsessie met economische groei, de zucht naar steeds meer en steeds groter, plaats maakt voor een gerichtheid op de kwaliteiten van het leven en samenleven? Tim Jackson breekt de discussie open en laat zien hoe wat tot nu vrijwel ondenkbaar leek, een serieuze mogelijkheid is. Hij levert niet alleen een wetenschappelijke onderbouwing voor het anders denken maar biedt ook een perspectief op een andere wereld. Dit is een inspirerend boek dat iedereen die zich afvraagt hoe het verder moet, wil lezen. Het zal hoe dan ook een substantiële rol gaan spelen in de discussie over een andere economie.’ Arjo Klamer, hoogleraar culturele economie Erasmus Universiteit

‘Welvaart zonder groei is verplichte kost voor iedereen bij wie de schrik om het hart sloeg bij het vooruitzicht dat de economie tijdens de crisis flink zou gaan krimpen. Wat hierbij wordt vergeten, is dat groei niet gelukkig maakt. In een samenleving zijn rijke mensen meestal gelukkiger dan armen, maar een samenleving die als geheel rijker wordt, wordt niet gelukkiger. Erger, de economische crisis is maar een klein probleem als we die vergelijken met, bijvoorbeeld, de energiecrisis, de klimaatcrisis, de voedselcrisis en de bevolkingscrisis waar we in de toekomst mee geconfronteerd worden. Het boek van Tim Jackson bevat een krachtig pleidooi over hoe de economische crisis kansen biedt om ons sterker op de toekomstige uitdagingen voor te bereiden.’ Esther-Mirjam Sent, hoogleraar economie aan de Radboud Universiteit Nijmegen

‘Dit boek geeft alle aanleiding en biedt de nodige input voor overheden, ngo’s, bedrijven en consumenten om verandering in de praktijk gestalte te geven. Pas als nieuwe ideeën geconcretiseerd en gerealiseerd worden, zien en leren we namelijk wat de waarde ervan is.’ Biba Schoenmaker, eigenaresse byoi en voorzitster van vereniging Solidair

‘Welvaart zonder groei lokt in officiële kringen denken uit over het ondenkbare. Geen geringe prestatie! Ik hoop dat het de serieuze aandacht zal krijgen die het verdient.’ Herman E. Daly, auteur van Steady-State Economics, ontvanger van de (knaw)-Heinikenprijs voor de milieuwetenschappen en de Honorary Right Livelihood Award van Zweden

Auteur

Tim Jackson is hoogleraar duurzame ontwikkeling de Universiteit van Surrey en directeur van de Research Group on Lifestyles, Values and Environment (RESOLVE) aldaar. Sinds 2004 was hij Economics Commissioner van de Sustainable Development Commission (SDC), het onafhankelijke adviesorgaan van de regering van het Verenigd Koninkrijk. Tim Jackson is als zodanig de auteur van het opzienbarende SDC-rapport Prosperity without Growth?, dat nu is omgewerkt en uitgebreid tot dit boek Welvaart zonder groei. Zijn vele andere publicaties staan vermeld in de literatuurlijst. Tim Jackson is wereldwijd een veelgevraagd spreker; hij adviseert regeringen. de VN, EU, Wereldbank en OESO.

Naast zijn academische werk is Tim Jackson een prijswinnende toneelschrijver met talrijke radiostukken voor de BBC op zijn naam.

© Uitgeverij Jan van Arkel mei 2012
Grifthoek 151 | 3514 JK  Utrecht |